Maandag 19 juni vond (alweer de negende) landelijke bijeenkomst van het programma Circulair Terreinbeheer plaats. Meer dan 80 deelnemers spraken in het mooie Omnia gebouw op de campus van Wageningen University & Research over ‘Denken en werken met grondstoffen’. Een impressie.

Opening

De dag startte met een gesprek tussen dagvoorzitter Frans Scheepens en drie personen die betrokken zijn bij circulair terreinbeheer: Rolf Balvert (GKB groep), Philippe van der Grinten (Provinos) en Dirk Siert Schoonman (Waterschap DOD en ambassadeur van CT).

Rolf Balvert is betrokken bij meerdere CT-pilots in de regio Rijnmond waarin agrariërs bokashi maken en toepassen. Hij ‘ontzorgt’ hen door onder andere te helpen bij het (ingewikkelde) vergunningentraject en het invullen van de logboeken. Rolf: “De pilots zijn nu drie jaar bezig en stuk voor stuk zijn de boeren enthousiast over het resultaat: ze zien meer wormen en hun oogst is goed. Het moet nog wetenschappelijk worden onderbouwd, maar dat kost tijd. De boeren willen heel graag – ook na afloop van de pilots – dóór en verder opschalen. En ook de 23 boeren waarvoor geen ruimte was voor een CT-pilot willen dolgraag aan de slag met deze werkwijze. Maar dan moet het wel beter worden geregeld. Ter illustratie een voorbeeld: een boer die bokashi wilde uitrijden op eigen bodem, kreeg de boodschap dat er eerst archeologisch onderzoek moest worden gedaan. Dat slaat nergens op: bokashi klinkt misschien als een kuil, maar het is een hoop.”

Philippe is betrokken bij verschillende CT-pilots in Limburg en Brabant. Hij merkte op dat de houding van omgevingsdiensten ten opzichte van bokashi sterk verschilt. In Brabant bijvoorbeeld zijn succesvolle voorbeelden van circulair terreinbeheer tot stilstand gekomen doordat de omgevingsdienst op de rem heeft getrapt. Philippe: “Het is belangrijk dat we ons blijven realiseren waarom circulair terreinbeheer zo belangrijks is. Het bodemleven is enorm verarmd en uit ervaringen van boeren blijkt dat bokashi snel verbetering kan brengen. Maar wat boeren met de bodem willen en kunnen doen wordt belemmerd door wetgeving; daar moeten we iets mee doen. Een suggestie uit de praktijk: werk met samenwerkingsovereenkomsten met ketenpartners, waarbij boeren maaisel op meerdere momenten kunnen weigeren. Dat biedt genoeg veiligheid om het proces te borgen!”

Dirk Siert benadrukte het belang van circulair terreinbeheer bij de huidige droogte. “Gezonde bodems houden meer water vast en dat kan het verschil maken tussen gele en groene velden. Het is daarom belangrijk dat betrokkenen dóór kunnen, ook als de pilots aflopen. Als ambassadeur van Circulair Terreinbeheer wil ik me hiervoor (bestuurlijk) inzetten, en bespreken hoe we de ministeries van IenW, LNV en Omgevingsdiensten kunnen helpen om verder te komen. Het helpt mij om daarvoor concrete voorbeelden te krijgen van knelpunten, maar ook van wat er goed gaat. Zijn er bijvoorbeeld beelden van positieve effecten van bokashi op gewassen? Ik ontvang ze graag.

Ik zie circulariteit als één van de grote onderwerpen voor de toekomst. Het is complex en er komen steeds meer voorbeelden. Maar we zijn er nog niet!”

Vijf workshops

Gedurende de dag namen de deelnemers deel aan twee van de volgende workshops:

Workshop 1: Circulaire economie: de bodem centraal stellen

Pieter van der Valk (Agricyling)
In deze workshop deelde Pieter zijn visie over hoe we tot een circulaire samenleving komen. “Raap de bal zelf op”, was zijn boodschap. Cruciaal daarbij is dat we als maatschappij anders gaan denken en handelen over de landbouw en over het recyclen van grondstoffen. De bodem staat daarin centraal. Lees meer…

Workshop 2: Bokashi in Rotterdam

Charissa Veth-Meulemans, Maarten Cabaret, Kees de Vette & Benjamin Mensinga, Gemeente Rotterdam
Trots, enthousiast, ontzettend leuk en leerzaam: het zijn woorden die veelvuldig vielen tijdens de presentatie van vier medewerkers van de gemeente Rotterdam over ‘hun’ pilot met bokashi. Wat hadden zij te melden? Lees meer…

Workshop 3: Klimaatneutraal en Circulair beslissen over grond en baggerstromen

Fred de Haan (Waternet) en Harry Hofman (GBN)
Hoe maak je als beheerder de keuze om grondverzet en baggerwerken klimaatneutraal en circulair uit te voeren of aan te besteden? Zowel de Waterschappen als Rijkswaterstaat hebben hiervoor een model ontwikkeld. Fred en Harry lichtten toe hoe deze modellen kunnen worden ingezet voor het selecteren van het zo circulair en hoogwaardig mogelijk toepassen van bagger en grond. Lees meer…

Workshop 4: beoordeling (on)gelijk speelveld?

Joyce Zuijdam, Rijkswaterstaat en Leon Claassen, Provincie Gelderland
In deze workshop deelden de deelnemers hun ervaringen met elkaar bij het circulair toepassen van hoogwaardige grondstoffen. Dat leidde tot een aantal kritische ‘Loesje-spreuken’, die circulair terreinbeheer een zetje in de goede richting moeten geven. Lees meer…

Workshop 5: voor- en nadelen van bermmaaisel als agrarische bodemverbeteraar

Maartje van der Sloot (WUR)
De afgelopen vier jaar heeft promovenda Maartje van der Sloot zich verdiept in het gebruik van bermmaaisel als bodemverbeteraar. Zij heeft hierbij een goed beeld gekregen van de potentiële voor- en nadelen van deze circulaire toepassing. Tijdens deze interactieve workshop besprak ze haar resultaten en eventuele nader te onderzoeken aspecten. Lees meer…

Workshop 6: Bodemgezondheid meten

Gerard Korthals (WUR), Eline Keuning (Bioclear Earth), Bob Klein Lankhorst (Royal Eikelkamp), Kees van den Dool (NMI),  Silko Mergenthal (DGWB) en Jan Willem Berendsen (LIFE CO2Sand)
In deze workshop vertelden maar liefst zes sprekers kort iets over het meten van bodemgezondheid. Dat leidde tot een levendige discussie tussen de onderzoekers, agrariërs en beleidsmedewerkers over onder andere de werking en prijs van meettools. Een oproep van de boeren: graag applied sciences! Lees meer…

Workshop 7: Hoe maken we bermmaaisel en blad ook juridisch tot grondstof?

Joyce Zuijdam en Yuri Wolf, Rijkswaterstaat
Positieve ervaringen met circulair terreinbeheer zijn er genoeg. Maar: hoe winnen we het vertrouwen van beleidsmakers en omgevingsdiensten? Hoe kunnen we kennis en goede voorbeelden inzetten, zodat circulair terreinbeheer juridisch mogelijk is? Daarover ging de workshop van Joyce Zuijdam en Yuri Wolf van Rijkswaterstaat. Lees meer…

Lunch, markt en naar buiten

Tijdens de lunch werd er volop ‘genetwerkt’. Daarna konden de deelnemers kiezen uit meerdere activiteiten: een (orchideeën)wandeling over de campus, het zoeken en determineren naar bodemdieren, een rondleiding door het laboratorium bodemdieren of een workshop Circulair Terreinbeheer voor dummy’s. Ook konden zij een bezoek brengen aan de markt, waar meerdere bedrijven en initiatieven vertelden over hun ervaringen met circulair terreinbeheer.

Plenaire afsluiting

Aan het eind van de middag vatten de workshopleiders hun bevindingen samen en gingen zij met elkaar in gesprek. Wat moet er volgens hen de komende twee jaar gebeuren? Een aantal quotes.

“Het is eerder gezegd vandaag: het is veel geregel om alles geregeld te krijgen. Er zijn genoeg groenstromen beschikbaar en er zijn genoeg boeren die er graag mee aan de slag willen. Echter, het proces wordt belemmerd door regelgeving, en dat is jammer. Dit is een kwestie waar we actief mee aan de slag moeten gaan.”

“We kunnen niet hard genoeg roepen dat het sluiten van kringlopen écht belangrijk is. Den Haag moet worden overtuigd dat dit groter is dan circulair terreinbeheer alleen en veel andere opgaven raakt. De toekomst vraagt er om.”

“Zie je effecten van de toepassing van lokale bodemverbeteraars? Maak beeldmateriaal en stuur het op naar CT. We hebben de boeren en hun verhaal nodig, zij kunnen Den Haag overtuigen!””

“Maak het politiek: breng het in colleges en zorg ervoor dat je gesprekspartner wordt. Dat creëert draagvlak en mogelijkheden om goede dingen te doen.”

“We moeten blijven monitoren en al doende blijven leren over het sluiten van kringlopen”.

“Er zijn bestuurders met lef nodig.”

“Gebruik circulair taalgebruik: praat niet over afval, dan zet je jezelf in de hoek.”

De pioniers van de nieuwe route gebruik in het zonnetje

Als afsluiting van de dag werden enkele pioniers van circulair terreinbeheer op het podium uitgenodigd. Zij hebben het voor elkaar gekregen om in Friesland een beweging op gang te krijgen, waarbij bermmaaisel van gemeenten wordt benut voor het maken en toepassen van CMC-compost op het boerenbedrijf. Dit gebeurt via de route gebruik. De pioniers hebben lef getoond, elkaar opgezocht en ketens gebouwd met heldere afspraken en zich voor 200% ingezet. Daardoor is er een dynamiek ontstaan, die ook op bestuurlijk en politiek niveau voor enthousiasme zorgde. Hopelijk zet dit inspirerende voorbeeld ook anderen in beweging!